Stel direct je vraag
Naar content trash arrow-down-light menu paper stack arrow-left mail-bordered instagram linkedin youtube minus arrow-right arrow-right-la heart-border share heart facebook twitter arrow-down stethoscope heartbeat link timer food smoke close briefcase plus question-mark mail sheet external scale search info whatsapp check aed 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 mannen niuews nieuwsbrief onderzoek overgewicht reanimeren recepten roken samenwerken phone sphere location play home

Hier komen de NAW-gegevens formulieren

Mijn Gids?

Je kunt alles in de Gids bewaren om later terug te lezen, of om te delen.

    Door op bewaar te klikken geef je toestemming voor het gebruik van jouw gegevens voor de Gids. Als je de website verlaat, worden de gegevens verwijderd.

    Meer over privacy en voorwaarden.

    Mijn Gids?

    Klik nu hier om deze pagina
    in je Gids te bewaren.

    Wat is hartkatheterisatie?

    Hartkatheterisatie is een verzamelnaam voor verschillende ingrepen waarbij katheters worden gebruikt. Katheters zijn dunne slangetjes van enkele millimeters dik. Daarmee kan de arts via de bloedvaten in het lichaam bij het hart komen.

    Tijdens een hartkatheterisatie worden het hart en de kransslagaders van binnen onderzocht. Kransslagaders zijn de bloedvaten die zorgen voor de toevoer van zuurstof naar het hart. Ook kunnen verschillende metingen gedaan worden en kunnen functies van het hart worden onderzocht. Bijvoorbeeld functies van de hartkleppen, de pompfunctie van het hart en hartritmestoornissen.

    Deze pagina gaat over de onderzoeken die met een hartkatheterisatie gedaan worden. Er is ook een aantal behandelingen mogelijk met een hartkatheterisatie, zoals een dotter- of stentbehandeling, ablatie, hartklepoperatie en het plaatsen van een parapluutje om een ASD of VSD te sluiten.

    In deze video legt cardioloog dr. Haasdijk van het HagaZiekenhuis uit hoe een hartkatheterisatie verloopt. Ook vertelt een patiënt over zijn ervaringen.

    Wanneer hartkatheterisatie?

    De redenen voor een hartkatheterisatie kunnen verschillend zijn. Een hartkatheterisatie kan worden gedaan:

    Pijn op de borst

    De arts kan met een hartkatheterisatie onderzoeken of er vernauwingen in de kransslagaders zitten. En waar deze zich bevinden. Ook is te zien hoe ernstig de vernauwingen zijn.

    Na een hartinfarct

    Met een hartkatheterisatie bepaalt de arts hoe ernstig het hartinfarct was. Ook kan hij zien waar de schade zit aan het hart.

    > Meer over hartinfarct 

    Hartkleppen in beeld

    Tijdens een hartkatheterisatie kunnen lekkage van de mitralisklep en/of aortaklep in beeld worden gebracht.

    > Meer over hartklepaandoeningen

    Hartritmestoornissen opsporen

    Hierbij wordt met de hartkatheterisatie de elektrische prikkeling van het hart geregistreerd. Onderzoek naar hartritmestoornissen via een katheter wordt ook wel elektrofysiologisch onderzoek genoemd.

    > Meer over elektrofysiologisch onderzoek

    Prof. dr. John Kastelein, hoogleraar inwendige geneeskunde

    “We werken aan nieuwe medicijnen om slagaderverkalking tegen te gaan.”

    Lees het verhaal

    Wat gebeurt er tijdens een hartkatheterisatie?

    Voorafgaand aan de hartkatheterisatie krijgt iemand medicijnen. Deze medicijnen zijn om te voorkomen dat er stolsels ontstaan op of in de katheter. Mensen die angstig zijn voor het onderzoek kunnen ook een rustgevend medicijn krijgen.

    Een hartkatheterisatie vindt plaats op een katheterisatiekamer

    Bij een hartkatheterisatie ligt iemand op een onderzoekstafel. Boven de onderzoekstafel hangt een röntgenapparaat. Hiermee maakt de cardioloog tijdens de ingreep filmopnames van de kransslagaders. Om het hart vanuit verschillende posities te onderzoeken, draait het röntgenapparaat om de patiënt heen.

    De röntgenapparatuur maakt geluid bij het filmen. Ook hangen er een aantal monitoren. Hierop kan de cardioloog het hartritme en de röntgenbeelden aflezen. Tijdens het filmen wordt het licht gedimd. Zo kan de arts de beelden op de monitor beter te beoordelen. Na het filmen gaat de verlichting weer aan. De artsen en assistenten die aanwezig zijn dragen steriele kleding. Ook dragen ze loodschorten om zich tegen de röntgenstraling te beschermen.

    De behandeling start met een plaatselijke verdoving. Tijdens het onderzoek blijft de patiënt dus bij bewustzijn en gaat niet onder narcose. De plek van verdoving kan in de lies, de pols of de hals zijn. Dit hangt af van waar de katheter in het lichaam wordt gebracht.

    Katheter

    Daarna prikt de arts een ader of slagader aan om de katheter in te brengen. Om te zorgen dat het gaatje open blijft, zet de arts er een hulsje in. Via dat hulsje schuift hij of zij eerst een draad naar binnen. De katheter wordt daarover geplaatst. De cardioloog schuift zo de katheter via de bloedvaten naar het hart. De katheter is dunner dan de bloedvaten. Het bloed kan er daardoor langs blijven stromen. Wanneer de cardioloog met de katheter bij het hart is, kan hij of zij onderzoeken doen of behandelen.

    Er zijn verschillende soorten katheters voor de verschillende onderzoeken of behandelingen. Het onderzoek is in principe pijnloos. De bloedvaten zijn van binnen gevoelloos. Sommige patiënten voelen een onaangenaam of kriebelend gevoel. De prik van de verdoving kan wel pijnlijk zijn. Tijdens het onderzoek worden de bloeddruk, de hartslag en het hartritme (hartfilmpje) continu in de gaten gehouden. Een hartkatheterisatie duurt gemiddeld 1 tot 1,5 uur.

    Medische onderzoeken

    Tijdens een hartkatheterisatie kunnen verschillende onderzoeken worden gedaan. Een specialist bepaalt welk onderzoek nodig is.

    Coronaire angiografie (CAG)

    De meeste mensen krijgen een hartkatheterisatie om de kransslagaders in beeld te brengen. Het onderzoek wordt vaak gedaan met contrastvloeistof. Dit heet een coronaire angiografie (CAG). Een hartkatheterisatie wordt ook wel coronaire angiografie of CAG genoemd. Een coronaire angiografie is een van de belangrijkste onderzoeken bij diagnose en behandeling van de kransslagaders. Coronaire staat voor ‘kransslagader’. Angio en grafie zijn Griekse termen voor ‘bloedvat’ en ‘beschrijving’ of ‘vastleggen’. De bloedvaten worden op beeld vastgelegd.

    Tijdens een coronaire angiografie spuit de arts contrastvloeistof in de kransslagaders en in de linkerhartkamer. Dit gebeurt via de katheters. Het resultaat van het onderzoek is een serie filmpjes. Hierin is de loop van de bloedvaten nauwkeurig te zien. Eventuele vernauwingen zijn daarbij goed zichtbaar.

    Door het inspuiten van contrastvloeistof worden het hart en de kransslagaders zichtbaar. Door de contrastvloeistof kan iemand een warm gevoel, jeuk, pijn op de borst of hoofdpijn krijgen. Ook kan iemand het gevoel krijgen te moeten plassen of misselijk worden. Meestal zijn deze klachten na 15 tot 30 seconden verdwenen. [Afbeelding invoegen, voorbeeld:] Soms zijn er bij een coronaire angiografie ernstige vernauwingen te zien. Dan kan het zijn dat er een behandeling nodig is. De cardioloog bepaalt wat daarbij de beste optie is. Het kan zijn dat dit direct tijdens de hartkatheterisatie wordt gedaan. Bijvoorbeeld als de arts ziet dat er een dotterbehandeling nodig is.

    Soms zijn er bij een coronaire angiografie ernstige vernauwingen te zien. Dan kan het zijn dat er een behandeling nodig is. De cardioloog bepaalt wat daarbij de beste optie is. Het kan zijn dat dit direct tijdens de hartkatheterisatie wordt gedaan. Bijvoorbeeld als de arts ziet dat er een dotterbehandeling nodig is. Soms is overleg nodig met collega’s. Dan zit er enige tijd tussen het onderzoek en de behandeling. Vervolgbehandelingen bij vernauwingen aan de kransslagader zijn:

    • medicijnen
    • dotter- en stentbehandeling
    • bypassoperatie

    Fractional Flow Reserve-meting (FFR-meting)

    Een FFR-meting is een aanvullend onderzoek. Hiermee kan de arts vaststellen hoe groot de vernauwing van de bloedvaten is. Tijdens de hartkatheterisatie brengt de cardioloog een vloeistof in die de kransslagaders wijder maakt. Dit kan een warm of beklemmend gevoel op de borst geven. Dit gevoel kan lijken op pijn op de borst (angina pectoris), maar het is ongevaarlijk. De klachten zullen binnen enkele minuten weer verdwijnen.

    > Meer over angina pectoris

    Tijdens het inbrengen van de vloeistof meet de cardioloog de bloedstroom voor en achter de vernauwing. Dit gebeurt met een meetinstrument dat ook door de katheter naar de kransslagader wordt gebracht. Met behulp van de uitkomst kan worden bepaald welke behandeling het meest geschikt is: dotteren of stentplaatsing, een bypassoperatie of behandeling met medicijnen. Soms zijn de vernauwingen niet ernstig en stroomt er nog voldoende bloed door. Dan worden soms alleen medicijnen voorgeschreven.

    Een FFR-meting kan ook worden uitgevoerd tijdens een dotterbehandeling. Het onderzoek zelf duurt maar kort. Ongeveer 10 minuten. Als er meerdere vernauwingen zijn, dan doet de cardioloog op meerdere plaatsen een FFR-meting. Soms wordt, in overleg met de patiënt, direct een dotterprocedure uitgevoerd.

    > Meer over dotterbehandeling

    Intravasculair Ultrasound (IVUS)

    IVUS is een echo-onderzoek in de kransslagader. Een lange, dunne draad wordt tijdens de hartkatheterisatie in de kransslagader geplaatst. Over deze draad wordt een slangetje met een echo-element geschoven. De katheter wordt met een bepaalde snelheid teruggetrokken van de kransslagader. Daarmee kan de arts een duidelijk beeld krijgen van de grootte van een bloedvat. Ook krijg de arts een idee van de samenstelling van de vaatwand en/of de vernauwing. 

    Een IVUS onderzoek kan ook worden uitgevoerd na een dotterbehandeling. Daarbij kan gecontroleerd worden of de stent goed in de wand van de kransslagader is geplaatst. Soms wordt, in overleg met de patiënt, direct een dotterprocedure uitgevoerd.

    > Meer over dotterbehandeling

    Optische Coherentie Tomografie (OCT)

    Bij een OCT onderzoek worden afbeeldingen van de binnenkant van de kransslagaders gemaakt. Dit gebeurt met hoogfrequent licht. Over de katheter wordt een speciale katheter met een lichtelement geschoven. De katheter wordt met een bepaalde snelheid teruggetrokken van de kransslagader. Daarmee kan de arts een duidelijk beeld krijgen van de grootte van een bloedvat. Ook krijg de arts een idee van de samenstelling van de vaatwand. Er kan gecontroleerd worden of de stent goed aansluit in de vaatwand.

    Hartbiopsie

    Met een hartbiopsie kan de oorzaak van een hartspieraandoening (cardiomyopathie) of hartfalen vastgesteld worden. Ook kan het nodig zijn voor of na een harttransplantatie.

    Tijdens de hartkatheterisatie wordt een instrument richting het hart geschoven. Op de punt van dit apparaat zit een snaveltje zo groot als de kop van een lucifer. Daarmee worden een of meerdere kleine stukjes hartspierweefsel uit de binnenkant van de rechterhartkamer geknipt. Dit weefsel wordt onder de microscoop bekeken door een patholoog-anatoom.

    Bloeddrukmeting in het hart

    De bloeddruk kan op meerdere plekken gemeten worden. Bijvoorbeeld in de rechterboezem, in beide hartkamers, in de longslagader of rond de aortaklep. Door deze bloeddrukmetingen in het hart en de grote bloedvaten kan de hartfunctie worden beoordeeld.

    Alternatieve onderzoeken naar kransslagaders

    Een coronair angiografie is een van de belangrijkste onderzoeken bij vernauwingen van de kransslagaders. Er zijn ook alternatieve onderzoeken. Dit zijn niet invasieve onderzoeken. Bij niet invasieve onderzoeken is er geen ingreep in het lichaam nodig. Voorbeelden zijn:

    • MRI: met een MRI onderzoekt men de hartspier, de kleppen, de grote slagaderen en omliggende structuren. Bijvoorbeeld het hartzakje. Er is geen contrastmiddel nodig
    • MRA: met een MRA kunnen eventuele vernauwingen in de (krans)slagaders of de aorta worden opgespoord. Bij MRA wordt contrastmiddel gebruikt
    • CT-scan: met een CT-scan kan net als bij katheterisatie een gedetailleerde opname gemaakt worden van het hart en de aorta. Er is straling en contrastmiddel nodig

    Na de ingreep

    Na het onderzoek worden de katheters verwijderd en wordt de plaats waar geprikt is dichtgemaakt. Het gaatje in de lies wordt 10 tot 15 minuten met de hand dichtgedrukt. Of het wordt gesloten met enkele hechtingen. Meestal komt er een drukverband om de lies. Dan moet iemand nog enkele uren stil blijven liggen. In de lies kan ook een oplosbaar dopje (plugje) worden geplaatst dat het gaatje afsluit. Dit dopje lost binnen 90 dagen vanzelf op.

    Als iemand via de pols gekatheteriseerd is, dan komt er een band om de de plaats waar geprikt is. Hierin zit een luchtkussentje dat het gaatje tijdelijk afdicht. Na het onderzoek is het goed om veel water te drinken. De contrastvloeistof verdwijnt dan sneller uit het lichaam. Hoe lang iemand bedrust moet houden verschilt per ziekenhuis. Voor het onderzoek word je een dag opgenomen. Soms moet iemand een nacht in het ziekenhuis blijven.

    De adviezen over autorijden kunnen ook verschillend zijn per ziekenhuis. Over het algemeen mag de patiënt niet zelf naar huis rijden. Ook de eerste 3 tot 5 dagen mag iemand niet autorijden. Informeer hiernaar bij het ziekenhuis.

    Weer thuis

    De plek waar de patiënt geprikt is moet de eerste paar dagen voorzichtig mee omgegaan worden. Ook mag de plek niet teveel belast worden om nabloedingen te voorkomen. Via het ziekenhuis krijgt iemand leefregels voor thuis mee. Deze regels kunnen verschillend zijn. Het hangt af van of het onderzoek via de pols of de lies is gedaan. En hoe de prikopening gesloten is. In het algemeen geldt voor de eerste dagen:

    • niet zelf autorijden of fietsen
    • niet zwaar tillen
    • niet hard persen op het toilet
    • voorzichtig zijn met traplopen
    • niet teveel hurken en bukken
    • niet zwemmen of in bad

    Wanneer je de arts moet waarschuwen

    Eenmaal thuis kan de lies of de pols dik en/of blauw zijn. De blauwe plek kan zich uitbreiden. Dit is niets om ongerust over te zijn. In het ziekenhuis vertellen ze wanneer je wel contact op moet nemen. Er zijn een aantal redenen om contact op te nemen met het ziekenhuis of de huisarts:

    • pijn op de borst
    • koorts (38°C of hoger)
    • huiduitslag
    • de prikopening in de lies/pols gaat bloeden (een klein beetje nadruppelen is niet erg)
    • de lies of pols is erg pijnlijk, gezwollen, rood en/of warm
    • een gevoelloos of pijnlijk been
    • de onderarm is dik en/of pijnlijk
    • de hand van de ingreep is gevoelloos of kouder dan de andere hand

    Neem bij twijfel altijd contact op met de arts.

    Nadelen, risico's en complicaties

    Er zijn ook nadelen aan een hartkatheterisatie. Een hartkatheterisatie stelt hoge eisen aan de arts en het is een relatief duur onderzoek. Er wordt gebruik gemaakt van röntgenstraling, wat belastend is voor de patiënt.

    Er is daarbij altijd een kleine kans op complicaties. De kans op complicaties wordt beïnvloed door bijvoorbeeld de leeftijd, de complexiteit van de aandoening en bijkomende aandoeningen (bijvoorbeeld perifeer vaatlijden, diabetes mellitus, een longziekte, morbide obesitas, nierinsufficiëntie). Ook roken vergroot de kans op complicaties. Een hartkatheterisatie wordt daarom alleen uitgevoerd als ander onderzoek onvoldoende informatie geeft.

    De arts zal altijd de (kleine) kans op complicaties afwegen tegen de voordelen van de ingreep. Zoals de informatie die het onderzoek oplevert. Mogelijke complicaties zijn:

    • bloeduitstorting of nabloeding op de plaats waar het bloedvat is geprikt
    • hartritmestoornissen
    • pijn op de borst
    • infectie
    • overgevoelige reactie op de contrastvloeistof
    • beschadiging van een bloedvat

    Contrastmiddel kan schadelijk zijn voor de nieren. Voor de ingreep wordt daarom de nierfunctie onderzocht met behulp van bloedonderzoek. Voldoende drinken voor en na de ingreep zorgt ervoor dat contrastvloeistof sneller wordt afgevoerd. Dit kan schade aan de nieren helpen voorkomen.

    Onderzoek naar slagaderverkalking

    Vernauwingen in de slagaders als gevolg van slagaderverkalking zijn de oorzaak van veel hart- en vaatziekten. Met een hartkatheterisatie zijn de vernauwingen in de kransslagaders op te sporen en eventueel te behandelen. Beter nog is het voorkomen van ernstige vernauwingen. De Hartstichting blijft daarom investeren in nieuw onderzoek op dit gebied. Het onderzoek moet leiden tot beter inzicht in het ontstaan van slagaderverkalking. We willen slagaderverkalking eerder opsporen en behandelen.

    Meer over onderzoek

    Downloads

    Stel je vraag aan de Infolijn

    Lees meer over medisch onderzoek

    Echografie bij hartinfarct

    Echografie bij hartinfarct

    Inspanningstest (fietstest) na een hartinfarct

    Inspanningstest (fietstest) na een hartinfarct

    Angiografie

    Angiografie