Stel direct je vraag
Naar content trash arrow-down-light menu paper stack arrow-left mail-bordered instagram linkedin youtube minus arrow-right arrow-right-la heart-border share heart facebook twitter arrow-down stethoscope heartbeat link timer food smoke close briefcase plus question-mark mail sheet external scale search info whatsapp check aed 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 mannen niuews nieuwsbrief onderzoek overgewicht reanimeren recepten roken samenwerken phone sphere location play home

Hier komen de NAW-gegevens formulieren

Mijn Gids?

Je kunt alles in de Gids bewaren om later terug te lezen, of om te delen.

    Door op bewaar te klikken geef je toestemming voor het gebruik van jouw gegevens voor de Gids. Als je de website verlaat, worden de gegevens verwijderd.

    Meer over privacy en voorwaarden.

    Mijn Gids?

    Klik nu hier om deze pagina
    in je Gids te bewaren.

    Antistollingsmedicijnen

    Antistollingsmedicijnen zijn medicijnen die de stolling van het bloed verminderen of vertragen. Ze worden ook wel bloedverdunners genoemd. Dit is eigenlijk niet de juiste naam. Het bloed wordt niet dunner, het stolt alleen minder snel.

    Medicijnen gaan stolsels tegen

    Antistollingsmedicijnen (anticoagulantia) zorgen ervoor dat het bloed minder snel stolt. Bij een wondje aan de vinger wordt er heel snel een korstje gevormd. Aan de binnenkant van de vaten gebeurt iets soortgelijks. Bij een beschadiging van een bloedvat probeert het lichaam de bloeding zo snel mogelijk te stoppen. Het risico is dat een stolsel dat zo ontstaan is, kan losschieten en ergens anders een vat afsluit. Zo kan er een hart- of herseninfarct ontstaan.

    Stolsels in het lichaam kunnen ook ontstaan bij wervelingen in het bloed, bijvoorbeeld bij boezemfibrilleren of na het plaatsen van een nieuwe kunstklep.

    Wanneer antistollingsmedicijnen?

    Artsen schrijven antistollingsmedicijnen voor bij ongewenste stolsels of een risico hierop:

    Antistollingsmiddelen herstellen de balans: het bloed mag niet teveel stollen en ook niet te weinig, want dan kunnen ongewenste bloedingen ontstaan.

    Soorten antistollingsmedicijnen

    Er zijn verschillende soorten antistollingsmiddelen:

    • bloedplaatjesremmers: deze zijn het minst krachtig en worden voorgeschreven bij een relatief laag risico op het vormen van (gevaarlijke) bloedstolsels
    • krachtige antistollingsmedicijnen: voor patiënten met een hoog risico op stolsels en op aandoeningen zoals een (long-)embolie, hartinfarct of beroerte

    Dan zijn er antistollingsmiddelen die voornamelijk per infuus worden toegediend. Dit zijn heparine en medicijnen die een stolsel oplossen (trombolytica). Deze laatste groep wordt gebruikt bij behandeling van een beroerte (trombolyse).

    Bloedplaatjesremmers

    Bloedplaatjesremmers voorkomen dat bloedplaatjes (trombocyten) aan elkaar klonteren en een stolsel vormen. Deze groep medicijnen is het minst krachtig in het remmen van de stolling. Antistollingsmiddelen die hieronder genoemd staan (VKA en DOAC) hebben een sterkere werking.

    Werkzame stoffen

    Werkzame stoffen zijn: acetylsalicylzuur (aspirine), carbasalaatcalcium, clopidogrel, dipyridamol, prasugrel en ticagrelor. Je vindt de werkzame stof altijd op de bijsluiter. De merknaam kan anders zijn. Deze wordt door de fabrikant aan het geneesmiddel gegeven.

    Bijwerkingen bloedplaatjesremmers

    Bloedplaatjesremmers hebben niet veel bijwerkingen en zijn gemakkelijk in gebruik. De meest voorkomende bijwerkingen zijn:

    • er ontstaan sneller bloeduitstortingen en blauwe plekken
    • een wondje stopt minder snel met bloeden
    • grotere kans op maag- of darmbloedingen

    Is preventief aspirine slikken nodig?

    Hart- en vaatpatiënten krijgen soms een lage dosis aspirine voorgeschreven om een (nieuw) hart- of herseninfarct te voorkomen. De Hartstichting raadt af om dagelijks een aspirientje te slikken zonder overleg met een arts. Er is geen wetenschappelijk bewijs dat gezonde mensen preventief aspirine zouden moeten slikken om een hart- of vaatziekte te voorkomen.

    Aspirine kan bijwerkingen geven als maagklachten, maagbloedingen, het versterken van astmatische aandoeningen en tandvleesbloedingen. Het is dus niet onschadelijk, ook niet in de lage doseringen die bij hart- en vaatziekten voorgeschreven worden. De arts weegt deze voor- en nadelen goed tegen elkaar af, voordat hij of zij aspirine voorschrijft voor dagelijks gebruik.

    Krachtige antistollingsmedicijnen

    Er zijn 2 groepen antistollingsmiddelen die sterker werken dan de bloedplaatjesremmers:

    • vitamine K antagonisten (VKA's)
    • directe antistollingsmiddelen (Directe Orale Anti Coagulantia of DOAC)

    De VKA's zijn de meer traditionele antistollingsmiddelen en zijn al jaren op de markt. De DOAC zijn relatief nieuw, en werden een tijd lang nieuwe antistollingsmedicijnen of NOAC genoemd.

    Vitamine K antagonisten (VKA's)

    Vitamine K is nodig voor de aanmaak van stollingsfactoren in het bloed. De vitamine K antagonisten (VKA's) werken vitamine K tegen. Zo zorgen ze er indirect voor dat het bloed minder snel stolt en verlagen ze de kans op trombose. De meest voorkomende bijwerkingen van VKA’s zijn:

    • sneller ontstaan van bloeduitstortingen en blauwe plekken
    • wondje stopt minder snel met bloeden
    • maag- of darmbloedingen

    In acute situaties, bijvoorbeeld een spoedoperatie, moet de arts de werking van VKA’s soms afremmen om bloedingen te voorkomen. Dit kan door het toedienen van vitamine K.

    Controle INR-waarde nodig

    Een nadeel van VKA's is dat hun werking kan schommelen door het veranderen van de voeding, bij ziekte of door het gebruik van andere medicijnen. Hierdoor is het effect op de stolling niet helemaal voorspelbaar. Daarom is controle van de zogenaamde INR-waarde nodig. INR staat voor International Normalised Ratio, een getal dat de mate van bloedverdunning met een VKA aangeeft. Aan de hand van die waarde wordt de dosering steeds aangepast. Dit kan de trombosedienst doen of de patiënt zelf.

    Soorten VKA's

    Er zijn 2 soorten Vitamine-K-antagonisten:

    • acenocoumarol
    • fenprocoumon

    De 2 vitamine K antagonisten verschillen onderling in snelheid en duur van werking. De werking van acenocoumarol houdt enkele dagen aan, bij fenprocoumon tot 2 weken.

    Directe antistollingsmiddelen

    Directe Orale Anti Coagulantia (DOAC) werken anders dan VKA's: zij hebben rechtstreeks invloed op één van de stollingseiwitten (trombine en stollingsfactor Xa). Artsen schrijven DOAC voor aan een beperkte groep patiënten. Zo kan DOAC worden voorgeschreven om:

    • trombose bij een knie- of heupoperatie te voorkomen
    • een beroerte te voorkomen bij mensen met boezemfibrilleren
    • een trombosebeen en longembolie te behandelen en het voorkomen van herhaling
    • voorkomen van afsluiting van een bloedvat bij een dreigend hartinfarct (alleen rivaroxaban)

    Soorten DOAC

    Er zijn 4 soorten DOAC:

    • dabigatran
    • rivaroxaban
    • apixaban
    • edoxaban

    Voor- en nadelen DOAC ten opzichte van VKA's

    Voordelen van DOAC ten opzichte van VKA’s zijn:

    • elke dag dezelfde dosis
    • stabiele werking, geen controle van stollingstijd (INR) nodig
    • begeleiding door de trombosedienst is niet nodig
    • iets minder bijwerkingen, vooral de kans op een hersenbloeding lijkt kleiner

    Bij VKA's kunnen artsen vitamine K toedienen om de antistollende werking tussentijds te stoppen, bijvoorbeeld bij een spoedoperatie. Bij de meeste DOAC is er nog geen middel om in deze situaties in te zetten. Hieraan wordt gewerkt. Voor dabigatran is inmiddels een tegenmiddel (antidotum) beschikbaar.

    DOAC zijn kortwerkende middelen. De bescherming tegen trombose neemt snel af als je ze een dagje overslaat. Het risico op trombose neemt dan snel toe. Dat is minder het geval bij de VKA's.

    De gevolgen van gebruik van DOAC op langere termijn zijn nog onvoldoende onderzocht. Om de veiligheid voor patiënten te kunnen garanderen, is er een leidraad ontwikkeld om DOAC op een goede en geleidelijke manier in te voeren.

    Ervaringen met medicijnen

    Op mijnmedicijn.nl en op meldpuntmedicijnen.nl staan ervaringen van gebruikers met medicijnen. Zij beoordelen de effectiviteit, het gebruiksgemak en de bijwerkingen. De ervaringen op deze websites zijn persoonlijk. Stop nooit zelf met medicijnen. Raadpleeg altijd de arts of apotheker bij last van bijwerkingen.

    Op apotheek.nl vind je uitgebreide informatie over medicijnen. Meld bijwerkingen van medicijnen bij Lareb, het Nederlands Bijwerkingen Centrum.

    Downloads

    Stel je vraag aan de Infolijn

    Lees meer over antistollingsmedicijnen

    Veiligheid antistollingsmiddelen

    Veiligheid antistollingsmiddelen