Wat is prettiger: je plaspil 's ochtends of 's middags innemen?
Veel mensen van 65 jaar en ouder gebruiken plaspillen om vocht af te drijven. Plaspillen kunnen goed helpen, maar sommige mensen hebben ook last van bijwerkingen. Bijvoorbeeld dat zij vaak naar het toilet moeten of zich minder fit voelen. Misschien helpt het om de plaspil in de ochtend of juist in de middag te nemen. Daar willen onderzoekers meer over te weten komen.
Doel van het onderzoek
Onderzoekers willen weten of het uitmaakt of je jouw plaspil in de ochtend of de middag inneemt. Misschien voel je je beter of heb je minder last van bijwerkingen als je de plaspil op een ander moment van de dag slikt. Daarom zoeken de onderzoekers mensen met hartfalen van 65 jaar en ouder die elke dag bumetanide of furosemide nemen. En vragen willen beantwoorden over hoe zij zich voelen en hoe het gaat in het dagelijks leven.
De Hartstichting financiert dit onderzoek niet. Omdat we het een belangrijk onderzoek vinden, helpen we de onderzoekers met het vinden van deelnemers. Het onderzoek sluit aan bij onze missie: iedereen een gezond hart, voor nu én later.
De onderzoeker
Pim Hessel is arts en onderzoeker bij Amsterdam UMC. Hij is in opleiding tot arts voor ouderen (geriater) in de regio Amsterdam. Tijdens zijn werk ziet hij veel ouderen die bijwerkingen hebben van medicatie. Hij ziet dat ouderen weinig meedoen aan onderzoek. Hierdoor weten we nog niet altijd goed welke behandeling het beste is voor hen.
Heb je moeite met het invullen van digitale vragenlijsten? Misschien kun je hulp vragen van een mantelzorger bij het deelnemen aan het onderzoek.
Dit krijg je ervoor terug
Je helpt onderzoekers meer te leren over hoe het gaat met ouderen met hartfalen die plaspillen gebruiken. Ook kom je meer te weten over de invloed van je medicijn. En ontdek je of het voor jou prettiger is om de plaspil 's ochtends of 's middags in te nemen.
Meedoen of meer weten?
Vul dan het formulier hieronder in. Zo laat je weten dat je interesse hebt of kun je de onderzoeker vragen stellen. De onderzoeker neemt contact met je op. Je zit nog nergens aan vast.