Naar content

Hier komen de NAW-gegevens formulieren

Na een beroerte: oppakken dagelijks leven

Na een beroerte: oppakken dagelijks leven

Na een beroerte: oppakken dagelijks leven

Na een beroerte wil je het liefst je oude leven weer oppakken. Lees wat je kunt verwachten als je weer thuis bent. Hoe zit het met autorijden, werk en hobby's? En hoe ga je om met veranderingen in je relatie?

Hulp thuis

Eenmaal thuis merk je pas hoeveel dingen je altijd zonder nadenken deed: wassen, aankleden, koffie zetten of de tuin bijhouden. Misschien heb je hierbij (tijdelijk) extra hulp nodig. Mogelijk kunnen je partner of kinderen je helpen of zijn er andere mantelzorgers. 

Thuiszorg kun je aanvragen via de wijkverpleegkundige of thuiszorgorganisatie in je gemeente. Extra hulpmiddelen bij het zelfstandig blijven wonen is geregeld via de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). Deze wordt uitgevoerd door de gemeente. 

> Lees meer op www.regelhulp.nl

Autorijden

Na een TIA, herseninfarct of hersenbloeding gelden er wettelijke regels voor autorijden. Die regels zijn ingewikkeld. Vaak krijg je een medische keuring om te bepalen of en wanneer je weer mag rijden. Het maakt uit of je voor je werk of privé rijdt. En is dit een personenauto of een vrachtwagen? Dat is allemaal van belang. Ook de oorzaak van de beroerte speelt mee.

Rijden met de auto of de motor

Eerste 2 weken niet rijden

Na het moment dat je uitval kreeg bij een TIA, een herseninfarct of een hersenbloeding mag je de eerste 2 weken niet rijden met de auto of de motor. 

Na 2 weken: beoordeling arts

Na die 2 weken beoordeelt de keurend arts of er beperkingen zijn:

  • Geen beperkingen? Je mag weer rijden. Voor een geldig rijbewijs moet je wel de vragenlijst die je arts heeft ingevuld samen met een eigen Gezondheidsverklaring opsturen naar het CBR.
  • Nog beperkingen? Je mag nog 3 maanden niet rijden. Na deze 3 maanden krijg je een medische keuring en stelt de neuroloog of revalidatiearts een specialistisch rapport op. Als alles goed is, moet je een rij-test doen bij het CBR. Als je slaagt, mag je weer maximaal 5 jaar rijden.

Let op! Gebruik je de auto of motor voor je werk als bijvoorbeeld taxichauffeur, koerier of rijinstructeur? Dan gelden strengere eisen. Vaak zijn die hetzelfde als voor rijden met een vrachtwagen of bus.

Rijden met vrachtwagen of bus

Eerste 4 weken niet rijden

Na het moment dat je uitval kreeg bij een beroerte of TIA mag je de eerste 4 weken niet rijden met de vrachtwagen of bus

Na 4 weken: beoordeling arts

Na die 4 weken beoordeelt de keurend arts of er beperkingen zijn:

  • Geen beperkingen? Je mag weer rijden. Je moet wel de vragenlijst die je arts heeft ingevuld samen met een eigen Gezondheidsverklaring opsturen naar het CBR. Dan kun je als beroepschauffeur weer een rijbewijs) krijgen voor onbepaalde tijd.
  • Nog beperkingen? Dan mag je nog 3 maanden niet rijden. Na deze 3 maanden krijg je een medische keuring en stelt de neuroloog of revalidatiearts een specialistisch rapport op. Er kan een rijtest van het CBR nodig zijn.


Bovenstaande regels gelden voor het grootste deel van de beroerte-patiënten. Er zijn uitzonderingen. Voor bijvoorbeeld zeldzamere vormen van een beroerte mag je 6 maanden of langer niet rijden. Dit heeft te maken met de kans op herhaling en of je nog beperkingen hebt.

Vragen over autorijden na een beroerte?

  • Bel met de klantenservice van het CBR: 088 227 77 00
  • Overleg met je behandelend arts

Hobby's

Ga bij jezelf na: wat vind ik leuk om te doen in mijn vrije tijd? Dit kan na een beroerte iets anders zijn dan voorheen. Misschien was je eerst heel sociaal en zoek je nu een hobby die je in je eentje kunt doen, zoals schilderen of een andere creatieve bezigheid. Kijk vooral wat je aankunt. Lukt het een keer minder goed of ben je sneller moe? Dat hoort erbij! Neem dan ook je rust. 

Weer aan het werk

Het is lastig in te schatten of je weer kunt werken. Je vraagt je af wanneer dit weer mogelijk is en voor hoeveel uur per week. Als je weer start loop je zeker in het begin tegen dingen aan. Misschien doe je langer over je werk dan voorheen of heb je moeite met plannen. Misschien kun je minder makkelijk duidelijk maken wat je ideeën zijn. Ook kun je sneller moe zijn en zijn de vele prikkels op kantoor je soms te veel. Maak daarom goede afspraken met je werkgever en (bedrijfs)arts. Praat erover met je collega's en probeer open te zijn over waar je het moeilijk mee hebt. Dan ontstaat sneller begrip.

> Lees meer op werkenmethersenletsel.nl

Op vakantie

Wil je na een beroerte weer op reis? Dan is het goed om te kijken wat er mogelijk is. Dat is voor iedereen anders. Overleg ook eens met je arts of je wensen haalbaar zijn.

Vliegen

Als je situatie stabiel is, is een vliegvakantie meestal mogelijk. Vliegen in een sportvliegtuigje op grote hoogte kan problemen geven.

Vakantie in de bergen

Op vakantie in de bergen is niet altijd mogelijk na een beroerte. Dit heeft te maken met een groter risico op trombose op hoogte. Overleg daarom vooraf met de neuroloog of er bezwaren zijn.

Duiken

Duiken na een beroerte kan lang niet altijd. In de eerste 6 maanden na een beroerte mag dit sowieso niet. Ook moet je goed kunnen bewegen, zien en gevaarlijke situaties goed kunnen inschatten. Overleg altijd eerst met de huisarts of neuroloog als je wil duiken. 

Aandacht voor naasten

Aandacht voor naasten

Na een beroerte gaat vaak alle aandacht naar de patiënt. Mensen hebben niet door dat een beroerte ook veel impact heeft op naasten.

> Tips voor naasten

Relatie en intimiteit

​Door een beroerte kan ook je relatie en seksleven veranderen. Het komt vaak voor dat je minder zin in intiem contact of seks hebt. Die behoefte kan terugkomen, als je weer beter in je vel zit. Mannen kunnen moeite hebben om een goede erectie te krijgen. Ook de zaadlozing of klaar komen kan problemen geven. Ook vrouwen raken soms moeilijker opgewonden. Dat kan problemen geven in de relatie. Het is daarom belangrijk dat je je gevoelens deelt en de relatie opnieuw vormgeeft. Je kunt ook je huisarts, neuroloog of de verpleegkundige van de CVA-nazorgpoli om advies vragen.

Ups en downs horen erbij

Het herstel gaat met ups en downs. Soms zie je het leven weer positief in en een dag later ben je ineens weer bang dat het je opnieuw overkomt. Of je bent snel geïrriteerd, omdat bepaalde dingen niet meer gaan. Dat is allemaal niet vreemd. Het beste is om er met iemand over te praten. Dat kan een naaste zijn, maar soms is hulp vragen van een psycholoog of maatschappelijk werker beter. Ook kan het helpen om met andere patiënten te praten die hetzelfde hebben meegemaakt. 

Meer over beroerte

Er zijn 3 vormen van een beroerte: een TIA, herseninfarct en een hersenbloeding. In het ziekenhuis kan vastgesteld worden om welke vorm van het gaat.

Stel je vraag over beroerte

  • Chat op deze pagina met een voorlichter 
  • Bel 0900 3000 300 (werkdagen 9 tot 13 uur)