Stel direct je vraag
Naar content

Hier komen de NAW-gegevens formulieren

Mijn Gids?

Je kunt alles in de Gids bewaren om later terug te lezen, of om te delen.

    Door op bewaar te klikken geef je toestemming voor het gebruik van jouw gegevens voor de Gids. Als je de website verlaat, worden de gegevens verwijderd.

    Meer over privacy en voorwaarden.

    Mijn Gids?

    Klik nu hier om deze pagina
    in je Gids te bewaren.

    Implanteerbare hartritmemonitor

    Een implanteerbare hartritmemonitor registreert 24 uur per dag het hartritme. Het apparaatje zit tijdelijk in het lichaam, net onder de huid. Het is een manier om hartritmestoornissen op te sporen.

    Wanneer een implanteerbare hartritmemonitor?

    De arts kan een implanteerbare hartritmemonitor inzetten bij klachten die mogelijk veroorzaakt worden door een
    afwijking in het hartritme:
    • het hart klopt af en toe te snel of te langzaam
    • vaak duizelig of licht in het hoofd zijn
    • vaak flauwvallen

    Onderdelen hartritmemonitor

    Een implanteerbare hartritmemonitor is ongeveer zo groot als een USB-stick. Andere benamingen zijn: Insertable Loop Recorder (ILR) of Inwendige Event Recorder (IER).

    Een implanteerbare hartritmemonitor bestaat uit 3 onderdelen:

    • het apparaatje dat onder het borstbeen wordt geplaatst (implantaat)
    • afstandsbediening waarmee de patiënt aangeeft dat hij op dat moment klachten heeft (activator)
    • computer waarmee de cardioloog het apparaat instelt en waarop hij later de hartfilmpjes uitleest

    Registreren hartritme

    De implanteerbare hartritmemonitor registreert automatisch het hartritme, 24 uur per dag. Wanneer het apparaat geen ritmestoornissen waarneemt en wanneer de patiënt niet zelf een klacht aangeeft, worden de opnames automatisch uit het geheugen verwijderd. De cardioloog analyseert later de opgeslagen hartfilmpjes. 

    Handmatig

    De patiënt geeft aan wanneer hij klachten voelt door op de knop van de activator te drukken. Het apparaatje registreert dan het hartritme inclusief enige tijd voor en na het indrukken van de knop. Als iemand flauwvalt kan hij de knop zelf niet meer indrukken. Iemand uit de omgeving kan dit dan doen.

    Automatisch

    Het is ook mogelijk dat de arts het apparaat zo instelt, dat het bepaalde afwijkingen van het ritme automatisch opslaat.

    Plaatsen hartritmemonitor

    De arts plaatst het apparaatje net onder de huid, meestal tussen het borstbeen en de linkerschouder. De ingreep gebeurt onder een plaatselijke verdoving en duurt 15 tot 30 minuten. Als de patiënt erg opziet tegen de ingreep kan hij eventueel een rustgevend medicijn krijgen.

    De implantatie van een hartritmemonitor is een eenvoudige ingreep met weinig risico's. De kans op een nabloeding of infectie is klein. 

    Na de ingreep

    Na de implantatie moet de patiënt meestal nog een paar uur op de verpleegafdeling blijven. Hij mag niet zelf naar huis rijden. Thuis zijn er in principe geen beperkingen en de patiënt mag alles doen wat hij gewend is. Ook zwemmen, baden en sporten.

    Hoe lang is hartritmemonitor nodig?

    De arts kan vooraf niet vertellen hoe lang iemand de hartritmemonitor moet dragen. De gebruiksduur is maximaal 3 jaar, afhankelijk van de levensduur van de batterij. De patiënt moet regelmatig op controle om de registratie te bespreken. Als duidelijk is waar de klachten vandaan komen, bespreekt de cardioloog of er een behandeling nodig is. En ook wanneer de monitor weer wordt verwijderd.

    Invloed van elektrische apparaten

    Elektromagnetische velden van apparaten kunnen de werking van de hartritmemonitor tijdelijk beïnvloeden. De meeste huishoudelijke apparaten of elektrisch gereedschap vormen echter geen probleem. Enkele voorzorgsmaatregelen:

    • Houd de mobiele telefoon tenminste op 15 cm afstand van de hartritmemonitor of aan het andere oor
    • Bewaar de telefoon niet in een hemdzak aan de kant van de hartritmemonitor. De afstand van 15 cm geldt voor alle apparaten met draadloze communicatie, zoals piepers, laptops met wifi en Bluetooth-apparaten
    • Passeer elektronische diefstalpoortjes snel, dan heeft dit meestal geen effect op het functioneren van het apparaat
    • Bij veiligheidsapparatuur op luchthavens kan het alarm afgaan vanwege de metalen onderdelen. Laat dan de identificatiekaart met informatie over de hartritmemonitor zien. Het apparaat beïnvloedt de hartritmemonitor zelf waarschijnlijk niet
    • Als de patiënt werkt met krachtige elektrische apparaten is het verstandig met de cardioloog te overleggen of maatregelen nodig zijn
    • Een MRI-scan is meestal toegestaan bij patiënten met een hartritmemonitor. Overleg dit vooraf met de arts
    • Vertel bij een medische ingreep of bij de tandarts dat je een hartritmemonitor hebt. Mogelijk zijn voorzorgsmaatregelen nodig

    Downloads

    Stel je vraag aan de Infolijn

    • Bel 0900 3000 300 (ma t/m vrij van 9.00 - 13.00 uur)
    • Chat met de Infolijn via het groene balkje (zijkant)