Stel direct je vraag
Naar content

Hier komen de NAW-gegevens formulieren

Gevoelig stukje hartspier in kaart brengen

Bas Boukens wil begrijpen waarom levensbedreigende ritmestoornissen bij sommige patiënten juist ontstaan in een bepaald stukje hartspier, vlakbij de grote slagader naar de longen. Hij kreeg een Dekkerbeurs van Hartstichting om het uit te zoeken. 

Andere eigenschappen hartspier

“We weten dat het stukje hartspier in de rechterharthelft, vlakbij bij de longslagader, tijdens de aanleg van het hart uit een ander soort cellen ontstaat dan de rest van de hartspier,’ vertelt Boukens, onderzoeker aan het AMC in Amsterdam. Waarschijnlijk hebben deze cellen in volwassen harten andere eigenschappen dan andere hartspiercellen, waardoor ze gevoeliger zijn voor ritmestoornissen. Boukens: “Als we beter begrijpen hoe dit werkt, kunnen we meer doen om de ritmestoornissen te voorkomen.”

Rol van genen bij prikkeloverdracht

Ons hartritme wordt bepaald door een slim systeem. Bij elke hartslag gaat een elektrisch stroompje van de ene hartspiercel naar de andere, vergelijkbaar met omvallende dominostenen. Dit stroompje wordt mogelijk gemaakt door eiwitten in de buitenwand van hartspiercellen.

Boukens licht toe: “Genen bepalen welke eiwitten in die celwand aanwezig zijn. We denken dat in het gevoelige stukje hartspier andere genen actief zijn, waardoor de eiwitten in de celwand de prikkel minder goed doorgeven.”

Brugada-syndroom

Als je verder gezond bent, is die slechtere prikkeloverdracht geen probleem. Maar als je daarnaast ook andere genvarianten hebt die leiden tot afwijkende eiwitten in de celwand van hartspiercellen, kunnen hartritmestoornissen ontstaan. Dat geldt bijvoorbeeld voor mensen met het Brugada-syndroom, een erfelijke aandoening waarvoor al meerdere genvarianten bekend zijn.

Het lastige is, vertelt Boukens, dat de verschillen tussen Brugada-patiënten groot zijn. Sommigen krijgen geen of weinig ritmestoornissen, terwijl anderen op jonge leeftijd worden overvallen door een hartstilstand.

> Meer over Brugada-syndroom

Keuze voor ICD

Artsen weten nu niet goed welke Brugada-patiënt baat zal hebben bij een ICD, een onderhuids apparaatje dat de hartslag herstelt bij een levensbedreigende ritmestoornis. Sommige patiënten hebben nu een ICD, terwijl ze nooit een hartstilstand krijgen. De ICD geeft bij hen soms soms onterecht een schok. Dat is een nare ervaring, waardoor patiënten heel angstig kunnen worden. Bovendien kunnen ontstekingen ontstaan door de ICD. Je wilt hem dus alleen als het risico op een hartstilstand echt groot is.

Bas Boukens: "Met mijn onderzoek wil ik bereiken dat alleen patiënten een ICD krijgen, die het écht nodig hebben."

> Meer over ICD

Risico op hartstilstand beter inschatten

Boukens verwacht dat het risico op een hartstilstand beter is in te schatten als meer bekend is over het gevoelige stukje hartspier. “Ik ga uitzoeken welke genen en eiwitten in dat hartdeel actief zijn. Dan kunnen we daarna uitzoeken of we via die genen de Brugada-patiënten kunnen opsporen die het meeste baat hebben bij een ICD.”

Prof. dr. Arthur Wilde, hoogleraar cardiologie

"We hebben al honderden families opgespoord met gevaarlijke ritmestoornissen."

Lees het verhaal

Dekkerbeurs Hartstichting

Een Dekkerbeurs biedt jonge, talentvolle onderzoekers de kans zich verder te ontwikkelen als hart- en vaatonderzoeker. In 2016 kreeg Bas Boukens de Dekkerbeurs Senior postdoc. De Dekkerbeurs omvat ruim € 300.000 waarmee hij 4 jaar onderzoek kan doen.

> Meer over Dekkerbeurzen

Onderzoek Hartstichting

Hartritmestoornissen worden lang niet altijd op tijd herkend. Dat kan ernstige gevolgen hebben. Er is onderzoek nodig om ritmestoornissen eerder op het spoor te komen en beter te behandelen.

> Meer over de onderzoeken

Stel je vraag aan de Infolijn

  • Bel 0900 3000 300 (ma t/m vrij van 9.00 - 13.00 uur)
  • Chat met de Infolijn