Spring direct naar Zoeken, Site-navigatie, Inhoudsopgave
Revalideren is oefenen, oefenen en nog eens oefenen. Dat beeld heeft u misschien. Wat houdt het nu echt in?
Revalideren is uzelf sterker maken. Lichamelijk en geestelijk. U leert uw grenzen verleggen. Revalideren is vooral doorzetten met een doel voor ogen. Dat doet u niet alleen. Revalidatieartsen, fysiotherapeuten, ergotherapeuten en logopedisten helpen u.
Revalideren in drie fasen
De periode na een beroerte bestaat uit drie fasen:
Acute fase = spoed!
De acute fase begint net nadat de beroerte heeft plaatsgevonden. Een beroerte is een levensbedreigende situatie. U wordt daarom met spoed naar het ziekenhuis gebracht. U komt op de 'stroke unit': een speciale afdeling voor patiënten met een beroerte. Daar start direct het onderzoek. U krijgt een CT-scan. De specialist bekijkt daarmee of u in aanmerking komt voor trombolyse.
Opname op een stroke unit is altijd gewenst. Ook als trombolyse niet mogelijk is. Het personeel op deze afdeling helpt u om zo snel mogelijk te beginnen met de echte revalidatie. Als het herstel heel voorspoedig is, mag u vanuit het ziekenhuis meteen naar huis. Opname op de stroke unit duurt ongeveer 10 dagen.
Revalidatiefase
Wanneer uw medische toestand stabiel is, krijgt u een verwijzing voor de revalidatie. De revalidatiefase duurt gemiddeld een half jaar. In deze periode is de meeste kans op verbetering. Revalidatie kan op verschillende plaatsen plaatsvinden:
Revalidatiecentrum. Dit is een revalidatiecentrum van het ziekenhuis of een revalidatieafdeling van een verpleeghuis. Hiervoor is een goede conditie vereist. De programma's zijn vaak intensief. Daarom komen vooral jongere patiënten hiervoor in aanmerking.
Verpleeghuis. Bij 1 op de 5 patiënten is blijvende verpleging in een verpleeghuis nodig. Zij hebben ernstige beperkingen en kunnen niet meer thuis wonen. Een verpleeghuis is meer geschikt voor de oudere patiënt. Hier ligt het tempo lager.
Thuis. Een groot deel van de patiënten met een beroerte gaat vanuit het ziekenhuis rechtstreeks naar huis. In het ziekenhuis bespreekt uw revalidatiearts uw situatie thuis. Wat kunt u zelf en waar heeft u hulp bij nodig? Het is ook mogelijk dat u voor dagbehandeling naar een revalidatiecentrum gaat.
3. Chronische fase
Na de revalidatie gaat u de chronische fase in. Uw arts heeft u waarschijnlijk medicijnen voorgeschreven. Deze medicijnen slikt u voor de rest van uw leven. Ze helpen een nieuwe beroerte te voorkomen Ze helpen bijvoorbeeld tegen:
Ook krijgt u leefstijladviezen. U moet:
Een beroerte heeft soms blijvende gevolgen. U heeft bijvoorbeeld:
Deze problemen zijn voor u en uw naaste omgeving vaak het moeilijkst om mee om te gaan.