Spring direct naar Zoeken, Site-navigatie, Inhoudsopgave
Een pacemaker is een klein elektronisch apparaatje dat ervoor zorgt dat het hart in het normale ritme blijft pompen.Wanneer het ritme een afwijking vertoont geeft een pacemaker een klein stroomstootje af. Daardoor trekt het hart weer in het juiste ritme samen.
De cardioloog plaatst een pacemaker bij mensen met bepaalde hartritmestoornissen.
De pacemaker bevat een chip en een batterij, die 6 tot 8 jaar meegaat. Uit het apparaat komen 2 of 3 elektrodedraden, die naar het hart lopen.
Er is een sensor ingebouwd die het hartritme bewaakt (de detectiefunctie). Als het ritme te laag is, dan geeft de pacemaker stroomstootjes af om het goede ritme te herstellen (de stimuleringsfunctie).
Bijna alle pacemakers houden rekening met de mate waarin u zich inspant. Spant u zich erg in, dan moet het hart sneller pompen en geeft de pacemaker ook snellere stroomstootjes (de rateresponsefunctie).
De chip bepaalt de werking van de pacemaker en slaat ook in het geheugen op wat er is gebeurd met uw hartritme. De pacemakertechnicus leest de chip af met een apparaat dat hij tegen uw borst houdt. Op die manier kan de pacemakertechnicus de pacemaker ook afstellen.
Wie krijgt een pacemaker?
Een pacemaker kan bij een verschillende hartritmestoornissen nodig zijn. Meestal als de hartslag te traag is. Dit is het geval als de sinusknoop of de AV-knoop niet goed werkt.
Tegenwoordig wordt een pacemaker ook soms ingezet bij:
Bij hartfalen komt het voor dat de kamers van het hart ongelijk samentrekken. Het hart werkt daardoor minder efficiƫnt. Een speciale pacemaker kan dit verhelpen. Dit wordt ook wel resynchronisatietherapie genoemd.
Lees verder
Verschillende soorten pacemakers