Spring direct naar Zoeken, Site-navigatie, Inhoudsopgave
Ventrikelseptumdefect (VSD)
Meestal wordt een VSD ontdekt doordat er een hartruis te horen is via de stethoscoop. Op een echo is vervolgens te zien dat de ruis komt door een gaatje in het tussenschot van de hartkamers. Het geruis komt doordat er bloed teruglekt van de ene naar de andere kamer.
Een kind met een VSD hoeft geen klachten te hebben. Daarom wordt een VSD soms pas op latere leeftijd ontdekt.
Is het altijd nodig een VSD te sluiten?
Nee, dit is niet altijd nodig. Een klein VSD groeit vaak in het eerste of tweede levensjaar dicht. Als het gaatje eenmaal dicht is gegroeid, verdwijnt het geruis.
Bij middelgrote VSD's wacht de cardioloog in eerste instantie af of het gat nog dichtgroeit. Dat kan een paar jaar duren. Grote VSD's worden vrij snel gesloten. De voorkeur gaat uit naar een leeftijd tussen de 3 en 6 maanden. Uw kind is dan groot genoeg om de operatie goed te doorstaan.
Mogelijke behandelingen zijn:
De medicijnen zijn nodig om de periode tot de operatie te overbruggen. Medicijnen die voorgeschreven worden zijn:
De medicijnen geven uw kind de rust om normaal te groeien. De operatie kan dan zo lang mogelijk worden uitgesteld.
Er zijn 2 mogelijkheden om een VSD te sluiten:
Operatie
De sluiting van het VSD vindt plaats via een openhartoperatie, waarbij uw kind onder narcose wordt gebracht. De hartchirurg sluit het gat in het tussenschot met hechtingen. Op een iets groter gat hecht hij er een soort lapje (patch) overheen. Het lapje is meestal een stukje hartvlies (het pericard). Parapluutje
Soms is het mogelijk het gaatje dicht te maken via een soort parapluutje. Dit gebeurt via een katheter die vanuit een slagader
in de lies naar het hart wordt geschoven. Hier plaatst de hartchirurg het parapluutje het gaatje. Deze behandeling niet altijd mogelijk en alleen bij grotere kinderen.
De kinderen herstellen over het algemeen snel na de ingreep. Binnen een paar weken gaan ze vaak alweer naar school.
Risico op endocarditis
Uw kind heeft de eerste 6 maanden na het sluiten van het VSD een verhoogd risico om een infectie aan de binnenwand van het hart op te lopen, endocarditis.
Lees meer over het risico op endocarditis bij aangeboren hartafwijkingen of bestel of download de brochure Bacteriële endocarditis
Controle
Na het sluiten van een VSD krijgt uw kind in de eerste weken of maanden misschien nog medicijnen. Ook vinden er regelmatig controles plaats. Direct na de operatie zal dit iets vaker zijn. De cardioloog beoordeelt of de littekens goed genezen en het gaatje goed gesloten is.
Bij nacontroles wordt er altijd een hartfilmpje gemaakt. Dit is nodig, omdat er na een hartoperatie altijd een litteken overblijft. De littekens verstoren de normale elektrische stroompjes over het hart. Uw kind heeft daarom een iets grotere kans op ritmestoornissen. Met een hartfilmpje spoort de kindercardioloog zulke stoornissen vroeg op.
Toekomst
Kinderen die geslaagde VSD-operatie hebben gehad, hebben een goede levensverwachting, zeker als het VSD op jonge leeftijd gesloten is. Ze mogen weer alles doen wat hun leeftijdgenootjes ook doen.
Lees meer over leven met een aangeboren hartafwijking
Meer informatie over VSD staat in de brochure Ventrikelseptumdefect
Lees verder
Veelgestelde vragen over aangeboren hartafwijkingen