Spring direct naar Zoeken, Site-navigatie, Inhoudsopgave
Nieuws
Marij Zuidersma onderzocht voor welke depressieve hartinfarctpatiënten die risico's het hoogst zijn. Vandaag, 12 oktober, promoveert ze aan de Rijksuniversiteit Groningen op haar onderzoek. De Hartstichting heeft het onderzoek mede gesteund.
Nieuwe inzichten
"Depressie bij hartpatiënten is een signaal voor een verhoogd risico op een nieuw hartinfarct", zegt Zuidersma. Helaas blijken depressiebehandelingen vaak niet aan te slaan. De hartklachten nemen helemaal niet af en de depressie vermindert nauwelijks. Zuidersma: "Patiënten bij wie een depressiebehandeling niet aanslaat hebben een verhoogd risico op hartproblemen. Dat verhoogde risico zien we ook bij patiënten bij wie het aantal depressiesymptomen toeneemt. Een derde risicofactor is depressie die gedomineerd wordt door vermoeidheid."
Opvallend is wel dat het krijgen van nieuwe hartproblemen ook aanwezig is in infarctpatiënten bij wie de diagnose 'depressie' niet gesteld kan worden, maar die op vragenlijsten wel aangeven depressie symptomen te hebben en bij patiënten met minimale depressieve klachten. Het lijkt er dus op dat het verhoogde risico op nieuwe hartklachten niet alleen te wijten is aan de depressie.
Ontrouw
Zuidersma kwam erachter dat het verhoogde risico voor 33% verklaard kan worden doordat depressieve patiënten een ernstiger hartziekte hebben. Een andere verklaring ziet ze in ontrouw aan de therapie: "Depressieve hartinfarctpatiënten nemen minder vaak deel aan hartrevalidatie. Vaak leven zij ook ongezonder dan hartinfarctpatiënten zonder depressie. Zo hebben ze vaak meer moeite met het stoppen met roken." Toekomstige studies moeten uitwijzen in hoeverre extra motiveren en begeleiden van deze patiënten hierin hun risico op nieuwe hartproblemen zou verlagen.