Hoe staan gezondheidsfondsen tegenover dierproeven?
Standpunten
Hoe staan gezondheidsfondsen tegenover dierproeven?
vrijdag 20 november 2009
Het overkoepelende doel van de Nederlandse gezondheidsfondsen is: bijdragen aan optimale medische behandeling en maximale kwaliteit van leven. Hiervoor ondersteunen de fondsen wetenschappelijk onderzoek. Onderzoek waarbij soms ook dierproeven een rol spelen.
Hiermee informeren wij u over de standpunten van de Samenwerkende Gezondheids Fondsen (SGF).
Allereerst: wetenschappelijk onderzoek met dierproeven biedt ondermeer inzicht in:
hoe ziekten ontstaan
preventie van ziekten
manieren om behandeling van ziekten te verbeteren
De standpunten en het beleid van de SGF en de gezondheidsfondsen inzake dierproeven luiden als volgt:
De gezondheidsfondsen zijn tegen onnodig gebruik van proefdieren en voeren een terughoudend beleid. Voor biomedisch en/of gezondheidsonderzoek zijn in bepaalde gevallen proefdieren nodig . Bijvoorbeeld bij onderzoek naar ziekteprocessen en behandelingseffecten. Deze onderzoeken kunnen wegens ethische en/of praktische bezwaren niet met mensen uitgevoerd worden. Vrijwel alle huidige behandelmethodes zijn om deze redenen ooit begonnen met een dierproef.
Alternatieve, gelijkwaardige wetenschappelijke methoden verdienen de voorkeur. Door verbeterde onderzoekstechnieken zijn steeds minder dieren nodig. Het aantal proefdieren en dierexperimenten in Nederland daalt jaarlijks (zie: jaarverslag Voedsel en Warenautoriteit 2007).
Voor subsidie komen alleen aanvragen in aanmerking die, wetenschappelijk gezien, veelbelovend zijn. Jaarlijks ontvangen de gezondheidsfondsen honderden verzoeken van onderzoekers om financiƫle steun. Alle subsidieaanvragen doorlopen een zorgvuldige beoordelingsprocedure. De wetenschappelijke adviesraad (WAR) van een gezondheidsfonds beoordeelt de kwaliteit en relevantie van de aanvragen. Gezondheidsfondsen ondersteunen alleen positief beoordeelde aanvragen.
Bij de selectie en subsidiering van onderzoek hanteren de gezondheidsfondsen een stringent beleid. Bij de selectie en subsidiering van onderzoek hanteren de gezondheidsfondsen een stringent beleid, afgestemd op wettelijke regelgeving en internationale verdragen. Onderzoek wordt bijvoorbeeld alleen gefinancierd na toestemming van de Dier Experimenten Commissie (DEC). De DEC toetst het voorstel aan de wet en weegt de specifieke omstandigheden van de inzet van proefdieren versus het belang van het experiment. Het resultaat: een gegarandeerde zorgvuldige uitvoering van de proef met optimale zorg voor de dieren waarbij de dieren niet onnodig hoeven te lijden.
De verantwoordelijkheid voor dierproeven ligt bij de beroepsbeoefenaren (onderzoekers) zelf. Dit geldt voor uitvoering van het gesubsidieerde wetenschappelijke onderzoek, zorgvuldig proefdiergebruik en zoeken naar alternatieven voor dierexperimenten. Hiermee onderschrijven de gezondheidsfondsen de Code Openheid Dierproeven (KNAW, NFU en VSNU).
De Samenwerkende Gezondheidsfondsen bestaat uit 18 fondsenwervende organisaties op het gebied van de volksgezondheid. De organisaties hebben zich verenigd en onderdeel is van de VFI, de branchevereniging van landelijk wervende goede doelen.
Door de gezondheidsfondsen werd in 2008 circa 190 miljoen euro ingezameld. Bijna de helft daarvan werd besteed aan wetenschappelijk onderzoek. De fondsen worden hierin ondersteund door een achterban van bijna 3 miljoen donateurs.